De Dordogne

Lekker vroeg op, het is prachtig mooi weer, dus samen doen we de opgespaarde was. Een lijntje spannen achter de caravan en daarna door naar het nautisch centrum van Siauve. Vanaf de camping zo'n vijftig meter steil naar beneden met de kano (en weer terug) lijkt ons niet zo’n goed idee. We rijden tot aan het strand, alles uitpakken, de auto weer naar boven onder de bomen geparkeerd. Gelukkig is het nog niet druk, we zijn lekker vroeg. Casper weer voorin en rustig peddelen we het stuwmeer op. De lucht is helder blauw. Het belooft een mooie dag te worden. We varen eerst langs de rechteroever, het stuwmeer is hier vrij breed, ik schat zo’n tweehonderd meter, voorbij de camping.

Het valt ons op dat het toch wel erg steil is. Even verder komt een klein stroompje van boven en moeten we wat verder naar het midden. Dan, wanneer we rond de eerste grote punt zijn zien we het Chateau du Lac in de verte vanuit het meer opdoemen.

Nu lijkt het totaal anders dan de dag ervoor. Dichterbij gekomen blijkt dat het ook niet zo druk is als de vorige dag. We varen tot aan het kasteel en nemen op ons gemak een kijkje. Het is er veel rustiger, ook op het water, nog geen pleziervaart.

Verderop worden de walkanten al maar steiler, grote rotspartijen en daarboven het groen van de bomen. Het valt ons allebei op dat er weinig vogels te zien of te horen zijn. We komen door een nauwere doorvaart naar het volgende meer, hier leggen we even aan op een piepklein strandje en zoeken ons een plekje in de schaduw voor wat fris en koffie. Casper is niet meer bij het water weg te slaan. We blijven maar steentjes in het water gooien die hij driftig probeert op te snorren. Na ruim een half uur trekken we het meer over naar de volgende doorgang. Even lijkt het alsof het meer hier eindigt, maar na een kleine bocht, opnieuw een fantastisch uitzicht over alweer een meer. In de verte aan de overkant zien we iets wat lijkt op een camping, veel groen tot onderaan het water en niet zo steil. Dit is het volgende punt waar we ons op richten.

Na ongeveer drie kwartier peddelen trekken we onze kano op de wal. We zoeken een plekje om even lekker uit te rusten. Dat waarvan wij dachten dat het een camping zou zijn blijkt niet meer te zijn dan een verzamelplaats van oude afgedankte caravans, waarvan sommige nog gedeeltelijk in gebruik. Het land er om heen ziet er al even onfris uit. Toch maar even zitten.

Het zal niet lang duren, tot nu is het stralend mooi weer, maar in de verte denken we gerommel van onweer te horen. Na een bak koffie blijken we gelijk te hebben, in de verte trekken de eerste wolken over de berg. Ziet er niet zo best uit en we moeten ook nog terug. De kanten zijn erg hoog er is weinig mogelijkheid tot uitstappen. Midden op het water zitten met onweer heeft ook niet onze voorkeur. We peddelen dus maar via de overzijde terug. Wanneer we terug zijn op het tweede meer zien we in de verte de bliksem flink inslaan. Op dat moment is het nog redelijk helder boven ons, maar dat kan zo veranderen. Halverwege het tweede meer begint het te regenen. We moeten toch door. Via de nauwe doorgang komen we terug op het eerste meer, steken op het kortste punt over naar de linkerkant en peddelen stevig door naar het kasteel. Vandaaruit kunnen we als het niet anders meer kan via de weg terug.

Na uiteindelijk ruim anderhalf uur achtereen flink peddelen aangekomen is het droog. We leggen aan onder aan het kasteel, zoeken een mooie picknickplaats om even bij te komen. Niet veel later zijn alle buien vertrokken en kiest Gerda het ruime sop, even lekker zwemmen. Casper maakt zich nog wat druk met wat stenen. Na ruim een uur gaan we verder voor het laatste stuk. Na ruim vijfentwintig kilometer zijn we terug op het strand. Het is het al wat drukker geworden, op ons gemak halen we de auto op en keren terug naar de camping.

Een prachtige dag, mooie tocht, een keer gedaan en een keer gezien maar niet voor herhaling vatbaar. Het eind van de dag maken we nog een mooie rit in de omgeving, we willen de Gorges de la Rhue nog zien, ook gezien maar niet zo bijzonder, geen water. De vergezichten zijn hier wel bijzonder mooi. Na het late eten maken we nog een avondwandeling over de "Mont", prachtig uitzicht over het stuwmeer. Wat vanuit de kano alleen maar bomen of bos lijkt, blijkt eigenlijk een fantastich landschap verdeeld over plateau’s. Uiteindelijk wordt het donker en via een smal bospaadje laten we ons door Casper weer naar de caravan brengen.

Al vroeg vertrekken we via Clermont Ferrant richting Nevers, op naar de Loire. We nemen opnieuw een groene route, we hebben tenslotte geen haast. Voor Nevers steken we links af richting Moulins. In Sancons doen we op gemak even enkele boodschappen om daarna binnendoor naar Fourchambault te gaan. Op de camping (municipal) aangekomen blijkt dat we ons stapje voor de caravan in Sancons hebben laten staan, vergeten, jammer die zijn we dan maar kwijt.

Voor twaalf Frank kopen we ons in een bouwmarkt een gereedschapkist als tijdelijk stapje, thuis hebben we er tenslotte nog een op zolder. Plankje erop en het werkt perfect. De camping is niet zo bijzonder, ligt direct aan een drukke doorgaande weg en de kruising met de brug over de Loire, maar het is ons tenslotte te doen om te kanoen.

We bellen nog even naar huis, Carine heeft samen met Rien een reisje naar Italie geboekt, daar is het goed weer, bij ons op dit moment wat regenachtig. Vanwege de vele kilometers zijn we toch wat moe, we maken nog wat plannen voor de volgende dag en kruipen dan ook voor het eerst voor twaalven onder de wol.